2 kabeljauwfilets a 200g.
4 plakken Sanders Runderrookvlees licht gezouten
80 g boter
4 eetl. Bloem
1 theel. Zout
1 theel. Peper
30 ml melk
1 eetl kappertjes
cress ter garnering
bouillabaise, van uw versleverancier
Voor 2 personen
Hoofdgerecht
Bereidingstijd 15 minuten
Dep de kabeljauwfilets droog met keukenpapier. Giet dan 8 eetl. melk op een bord en wentel de filets erdoor.
Leg de filets op een ander bord. Bestrooi de filets met peper en zout.
Op dit moment kunnen desgewenst ook andere kruiden naar smaak op de filets gestrooid/gemalen worden.
Lepel de bloem op een zeefje en klop met een lepel tegen het zeefje terwijl u dit hoog boven de filets houdt. Keer de filets om en herhaal voor de andere kant.
Smelt de boter in een pan en laat deze uitschuimen. Leg de filets in de boter en bak 4 minuten aan iedere kant. Beweeg de filets af en toe door de pan heen en weer te schuiven.
De filets mogen een donkerbruine korst krijgen.
De kabeljauw is gaar wanneer de delen gemakkelijk van elkaar loslaten, geen vocht (eiwit| meer verliezen en overal egaal wit van kleur zijn.
Bak vervolgens de rookvleesplakjes zachtjes aan.
Verwarm de kant en klare bouillabaise van uw versleverancier
Leg op een warm bord de kabeljauwfilet met hier bovenop 2 plakjes gebakken runderrookvlees. Garneer met een toefje cress.
De kappertjes als garnering op het bord leggen.
Schenk de bouillabaise in een klein glaasje en zet deze ook op het bord.







Reacties
Er zijn nog geen reacties geplaatst.
Plaats een reactie